Er bleef dus weinig over voor de aflossing van de schulden.

Belasting Schulden
aflossingBaten waarvan de ontvangst bij ongewijzigd beleid en omstandigheden voor meerdere jaren vaststaat. Maar dat is een ander onderwerp, voor een andere lezing. De betaling van rente en aflossing op de leningen van de stedelijke geldschieters moest dus van jaar tot jaar worden uitgesteld. Vermindering van de reserves ten gunste van het resultaat.

Voorstel van een of meer raadsleden tot wijziging van een voorstel van het college. In de praktijk veel gebruikte naam voor de hele begroting of voor de beleidsbegroting alleen. Het verschil tussen de baten en de lasten in de begroting.

Deze bleken echter onvoldoende om het groeiende aantal garnizoenen te bezoldigen. Vanaf 1586 was het bovendien mogelijk de quotisatieleningen in te wisselen tegen Hollandse renten met een lange looptijd. Overzicht van de bezittingen activa en het eigen en vreemd vermogen passiva. Rijksuitkering aan de gemeenten uit het gemeentefonds, verdeeld via verdeelmaatstaven. Jaarlijks rapport over de werking van het verdeelstelsel van het gemeentefonds. Systematisch in kaart brengen van de risicoís en het treffen van maatregelen om de financiŽle gevolgen te minimaliseren. Algemene opslag over de verdeelmaatstaven van het gemeentefonds; wordt regelmatig aangepast. Kan dienen om pieken en dalen in de lasten op te vangen bijvoorbeeld een voorziening groot onderhoud.

Uitvoeringsplan van het college voor het beleid van de coalitie in de zittingsperiode. Een oproep van de raad als de motie is aangenomen! aan het college iets te doen of te laten. Waarde van een of meerdere activa in de financiŽle administratie, en dus op de balans. Kans op financiŽle tegenvallers als gevolg van interne of externe omstandigheden.




Afschaffen hypotheekrente aftrek

Hypotheek rente aftrek De hypotheekrente aftrek en de spaarloonregeling moeten worden afgeschaft, omdat het vooral rijkere Nederlanders zijn die van deze regelingen profiteren. Het Centraal Planbureau (CPB) schrijft dat in een discussiestuk over de toekomst van de verzorgingsstaat.
De rekenmeesters van het kabinet stellen vast dat 'het eigenwoningregime en de spaarloonregeling vooral ten goede komen aan draagkrachtige huishoudens'.