Het Montaire beleid van de ECB

Trichet, directeur van de ECBOnder monetair beleid of monetaire politiek verstaat men het geheel van maatregelen die een Centrale Bank kan nemen om de waarde van de eigen valuta stabiel te houden.

Men kan twee soorten waarde ten aanzien van een valuta onderscheiden: de binnenwaarde ofwel de koopkracht en de externe waarde ofwel de wisselkoers. Monetair beleid bestaat dan ook uit twee onderdelen, de geldpolitiek en het wisselkoersbeleid.

Behoud stabiele binnenwaarde
Maatregelen om de binnenwaarde stabiel te houden behoren tot de geldpolitiek en zijn gericht op prijsstabiliteit. Zij bestaan uit het reguleren van de omvang van de maatschappelijke geldhoeveelheid ofwel primaire liquideitenmassa. De groei van de geldhoveelheid dient te worden gekoppeld aan de groei van de reŰle productie om zo (prijs)inflatie te voorkomen. Zou de groei van de geldhoeveelheid sneller gaan dan de groei van de productie dan kan dit in een conjuncturele situatie van overbesteding leiden tot bestedingsinflatie. Zou daarentegen de productie sneller groeien dan de geldhoeveelheid dan kan het geld zijn functie als betaalmiddel verliezen. Er is dan te weinig geld in omloop voor aankoop van de beschikbare producten. Producenten zien dan hun voorraden toenemen. Zij moeten hun verkoopprijzen verlagen, er ontstaat deflatie. Dit kan leiden tot afname van de effectieve vraag. Bij dalende prijzen zullen zowel consumenten als producenten hun bestedingen immers uitstellen.

Behoud stabiele wisselkoers
Maatregelen die de wisselkoers stabiliseren vallen onder het wisselkoersbeleid en zijn gericht op be´nvloeding van de rentestand. Door het land aantrekkelijker of juist minder aantrekkelijk te maken voor buitenlandse beleggers kan de vraag naar en het aanbod van de betreffende valuta op de valutamarkt en daarmee ook de wisselkoers worden be´nvloed.

Conflicterend beleid
Omdat maatregelen uit beide groepen elkaar kunnen tegenwerken zal de Centrale Bank van een land meestal kiezen welke waarde van de munt men stabiel wil houden. De Europese Centrale Bank heeft expliciet gekozen voor een stabiele binnenwaarde door het noemen van een maximum inflatiepercentage van 2%. Ondanks druk van regeringsleiders, zowel toen de euro ten opzichte van de dollar zeer laag stond als toen de euro juist een hoge koers had, weigerde de ECB maatregelen te nemen die de koers zouden be´nvloeden.

Tot aan de invoering van de euro had de Nederlandse Centrale Bank gekozen voor wisselkoersstabiliteit, omdat voor Nederland handel met het buitenland juist zeer belangrijk was. Hierbij ging het vooral om een stabiele koers tussen gulden en Duitse mark. Voor het euro-blok als zodanig speelt de internationale handel een veel kleinere rol, de meeste handel vindt plaats tussen de lidstaten van de euro-zone onderling. Vandaar de keuze van de ECB voor een stabiele binnenwaarde van de euro. Overigens geldt hetzelfde voor de Verenigde Staten. De Federal Reserve Bank heeft dit weliswaar nooit formeel bevestigd, maar men kan dit beleid afleiden uit het feit dat men nooit maatregelen genomen om de koers van de dollar te be´nvloeden.

Afschaffen hypotheekrente aftrek

Hypotheek rente aftrek De hypotheekrente aftrek en de spaarloonregeling moeten worden afgeschaft, omdat het vooral rijkere Nederlanders zijn die van deze regelingen profiteren. Het Centraal Planbureau (CPB) schrijft dat in een discussiestuk over de toekomst van de verzorgingsstaat.
De rekenmeesters van het kabinet stellen vast dat 'het eigenwoningregime en de spaarloonregeling vooral ten goede komen aan draagkrachtige huishoudens'.